Preek van de week Elke week een nieuwe preek
     
  31 oktober - eenendertigste zondag 2010 afdrukken  Word-document
 

Prekenlijst

Startpagina

Archieven

Register

Prekenportaal

Zondagsvieringen

Dominicanen

 

Lezingen:

Wijsheid 11,23-12,2
Lucas 19,1-10

Wenst u de preken thuis in uw elektronische postbus te ontvangen?
U kunt intekenen op onze
verzendlijst
.


Tekst van viering

U kunt reageren
op deze preek:

Commentaar

 


Gered uit verslaving en gevagenschap 

Waarom klimt iemand in een vijgenboom? Misschien omdat hij klein van gestalte is en goed wil zien wat er gaande is als de mensen onder hem zich staan te verdringen om niets te missen van wat zich op straat aan het afspelen is. Misschien ook omdat hij zelf liever niet gezien wil worden.
Die twee redenen had Zacheüs over wie het evangelie vertelt. Maar hij werd gezien, door Jezus. Jezus riep hem naar beneden en nodigde zichzelf uit bij hem aan huis.

Zacheüs had het zich veel gemakkelijker kunnen maken. Hij moest maar de trap naar het dakterras van het tolhuis opgaan om Jezus te zien passeren. Maar daar kon hij door iedereen geworden en dat wilde hij zeker niet. Juist daarom verborg hij zich in een vijgenboom.

Misschien wilde de evangelist zijn lezers herinneren aan het verhaal over Adam en Eva die van vijgenblaren een lendenschort maakten om hun naaktheid te bedekken. Ze waren hun onschuld verloren en verstopten zich voor God. 'Adam, waar ben je?' riep God. En Adam antwoordde: 'Ik heb me verborgen, want ik schaam me voor u' (Genesis 3,7-10).

Zacheüs zal zich wel niet onschuldig gevoeld hebben. Hij had zijn onschuld al verloren toen hij als belastingontvanger in dienst trad van de Romeinse bezetter. Bovendien was hij er rijk van geworden. Er is bij het innen van belastingen geregeld wat aan zijn vingers blijven plakken.

We kunnen ons goed indenken hoe Zacheüs zich voelde toen hij merkte dat Jezus hem op zijn uitkijkpost tussen de blaren zag zitten. Op heterdaad betrapt. Uitgelachen door de omstanders die Jezus naar omhoog zagen kijken en hem ook in de gaten kregen. Hij was gewoon nieuwsgierig, zo lijkt het. Hij wilde te weten komen wat voor iemand de man was over wie hij zulke wondere dingen hoorde vertellen. Maar misschien zat er meer achter zijn nieuwsgierigheid. Het is niet uitgesloten dat de evangelist het verhaal vertelt om er zijn lezers attent op te maken dat die geldzuchtige tollenaar zich niet lekker in zijn vel voelde. Dat hij gedreven werd door een verlangen naar een andere manier van leven, naar rijkdommen waarvan je de waarde niet met een rekenmachine kunt schatten. Daarom verlangde hij te zien wat voor iemand Jezus was.

Adam en Eva werden uit de tuin van Eden verdreven. Zacheüs hoorde Jezus zeggen dat hij bij hem aan huis wilde komen. Tot zijn grote vreugde. Maar tot verbijstering van de omstanders. Wat krijgen we nu? Hij gaat eten en overnachten bij die notoire zondaar, op eigen initiatief nog wel. Ze spraken er schande van. Ze keerden zich tegen hem. Maar ze snapten niet dat Jezus was gekomen om te zoeken en te redden wie verloren was.

Heeft Jezus zijn gastheer eens flink de les gelezen? Eigenlijk mocht dat wel, zou je kunnen denken. Maar het evangelie zegt er niets over. Maar één zaak is zeker: Zacheüs werd gered. Bevrijd van het geld en het goed waarin hij gevangen zat. Dankzij Jezus werd hij wat hij in het diepste van zichzelf verlangde te zijn. Een ander mens.

Gelovigen die samenkomen om eucharistie te vieren zijn als Zacheüs. De verrezen Heer nodigt zichzelf bij hen aan tafel uit en ze ontvangen hem met vreugde als hun gastheer. Hij is dus niet de gastheer, zoals soms wordt gezegd. Hij is hun gast.

Iedereen bidt vóór de communie: 'Heer, ik ben niet waardig dat Gij tot mij komt. Maar spreek, en ik zal gezond worden.' Genezing heeft ieder van ons altijd weer nodig. 'Redding' zegt het evangelie. Altijd weer moeten we gered worden uit onze verslavingen en ongerechtigheden. Uit onze blindheid voor de nood van medemensen aan erkenning, hulp en mededogen. Versterkt in ons verlangen om de mens te kunnen zijn die we ten diepste willen zijn.

Lijken we ook niet allemaal op Zacheüs: klein van gestalte, indien niet letterlijk, dan toch figuurlijk? Klein voor God. Daarvoor moeten uit de boom van zelfverheffing of van schaamte naar beneden komen.

Voor wie klein wil zijn maakt God zich bereikbaar. Het wordt gezongen in de eerste strofe van een bemoedigend kerklied:

Voor kleine mensen is Hij bereikbaar.
Hij geeft hoop aan rechtelozen,
Hun bloed is kostbaar in zijn ogen,
Hij koopt hen vrij uit het slavenhuis.

J. Andersen

Inspiratie:

Eric Vanden Berghe, Van U is het Woord. Lannoo, Tielt 1999, p. 269 e.v.
Kees
Pannekoek, Verwijlen in Emmaüs. Gooi & Sticht 2003, p. 229-231

 
  Prekenlijst