| Preek van de week |
|
|
||
| 7 februari - vijfde zondag |
|
|
Lezingen:
Jesaja 6,1-8
Wenst u de preken
thuis in uw elektronische postbus
te ontvangen?
U kunt
reageren
|
|||||||||
|
Het is het kernwoord van het evangelie van vandaag. ‘Voortaan
zal je mensen vangen.’ Jezus zei dat tot zijn apostelen die voor het
merendeel vissers waren. Ze leefden van de visvangst. Het was hun
broodwinning. Een deel werd verkocht. Een ander deel was voor hen zelf en
hun gezin. Met sleepnetten in hun vissersbootjes vaarden ze, bij dag en
nacht, op het meer van Gennesareth. Jezus kende hun leefwereld. Als hij
preekte over het Rijk Gods gebruikte hij beelden uit hun bestaan als vissers.
Nu hebben ze de hele nacht gezwoegd zonder iets te vangen
en toch zei Jezus tot Petrus: ’Vaar naar het diepe.’ Ze vingen zo’n massa
vissen dat twee bootjes bijna zonken van de overvloed. Ze waren verbijsterd
en voelden zich klein tegenover die Jezus op wiens woord ze zo ontzaglijk
veel vis hadden gevangen. Maar het ging Jezus blijkbaar niet om die vele
kilo’s vis. ‘Voortaan zal je mensen vangen’ was zijn oproep na die
wonderbare visvangst.
‘Mensen vangen’ is mensen tot het geloofsleven brengen.
Is hen binnenleiden in het Rijk Gods van vrede, liefde en gerechtigheid,
zoals Jezus dat preekte en voorleefde. Maar daarom moet je naar ‘het diepe’
varen .
We leven in een tijd waarin we, zoals de apostelen,
kunnen zeggen ’We hebben gezwoegd maar niets gevangen’. We horen bijna niets
anders dan woorden van ontmoediging en desillusie als het gaat om geloof.
Veel mensen zwoegen en zetten zich in met veel energie maar zien geen
resultaat. Misschien moeten we soms de vertrouwde oever loslaten om iets
nieuws te ervaren. Om die ‘Iemand’ te ervaren die we blijvend mogen
vertrouwen. Op Zijn woord en vanuit Zijn kracht kunnen we mensen vangen door
ze op te nemen in het netwerk van Gods liefde.
In ieder geval moeten we naar de diepten van het leven
gaan. Mensen komen niet echt tot leven door consumptiekapitalisme, door
banaliteiten en oppervlakkigheden, door ‘brood en spelen’. Mensenvissers
worden we als we opkomen voor de onaantastbaarheid van iedere persoon, voor
een rechtvaardige verdeling van de welvaart, voor een universele rechtstaat,
voor ecologie als stuwkracht voor de leefbaarheid van onze planeet. Het gaat
er om dat we tijd en energie steken om aandacht te hebben voor het diepste
van ons wezen, door bezinning, meditatie, en een gebedsleven .
Dat gaat niet vanzelf. Zoals die vrouw geraakt werd door
de begeleidster van de leesclub, zo moeten wij proberen mensen te raken door
te getuigen dat we niet voor onszelf leven, maar voor het welzijn van de
hele samenleving. We moeten proberen het goede in de mensen op te vissen.
Hen de kans geven opdat de liefde in hen kan openbloeien. Ga naar het diepe,
want alleen daar kan een godservaring ontstaan. Het is Jezus zelf die ons
deze opdracht geeft. Op Zijn woord kan het tot een wonderbare mensenvangst
komen . Vanuit de kracht van zijn Geest kunnen onze netten, van getuigenis
en gesprek, die we uitgooien in het meer van ons leven, vol geraken met
mensen die opnieuw het geluk ontdekken van christelijk, evangelisch leven.
Rob Moens, dominicaan, Genk.
|
| |