Preek van de week Elke week een nieuwe preek
     
  21 maart - vijfde vastenzondag afdrukken  Word-document
 

Prekenlijst

Startpagina

Archieven

Register

Prekenportaal

Zondagsvieringen

Dominicanen

 

Lezingen:

Jesaja 43,16-21
Johannes 8,1-12

Wenst u de preken thuis in uw elektronische postbus te ontvangen?
U kunt intekenen op onze
verzendlijst
.

Tekst van viering

U kunt reageren
op deze preek:

Commentaar

 


Een sensationeel evangelie

Sensatiezucht lijkt ons ingebakken. Er gebeurt op de snelweg een verkeersongeval, en aan de overkant zie je weldra een kijkfile. Breekt er een brand uit, of heeft zich een gezinsdrama voorgedaan, dan komen er vlug ramptoeristen op af. De media spelen er gretig op in en ze zien hun verkoopcijfers stijgen.
Een vrouw wordt die op overspel is betrapt staat voor een massa kijklustige toeschouwers. Volgens de Joodse wet moet ze ter plekke gestenigd worden. Begin er maar aan, zegt Jezus, laat hij die hier zonder zonde is als eerste een steen werpen. Niemand riskeert dat. Jezus had het kunnen doen, maar ook hij veroordeelt de vrouw niet. Een sensationeel evangelie!

De echte sensatie van het verhaal is de manier waarop de schriftgeleerden en Farizeeën in hun hemd werden gezet. Zij hadden de vrouw bij Jezus gebracht. Het was hun niet om haar te doen, maar om hem. Ze waren er alleen op uit hem in de val te lokken. Ze dachten dat hij onmogelijk kon ontsnappen. Als hij op hun vraag 'ja' antwoordde, zondigde hij tegen de wet van de Romeinse bezetter die publieke steniging verbood. Antwoordde hij 'neen', dan ging hij in tegen de wet van Mozes, en sterker nog, tegen zijn eigen prediking: 'Wie met begerige ogen naar een vrouw kijkt, heeft met haar al overspel gepleegd' (Matteüs 5,28). Maar Jezus zei niets. Hij deed zoals God, die het gesprek weigert met wie geen eerlijke vragen stelt.

En na enkele ogenblikken deed hij zijn sensationele uitspraak: wie zonder zonde is mag van mij de eerste steen werpen. Je kunt er ongetwijfeld plezier aan beleven als je leest hoe Jezus de officiële hoge heren, die misschien wel met geile blikken naar de vrouw stonden te gluren, te grazen heeft genomen.

Maar je hoeft niet lang na te denken om in te zien hoe groot het gevaar is dat in Jezus' uitspraak kan schuilen. Geen mens zal zich aanmatigen dat hij een volstrekt zuiver geweten heeft. Dan zal niemand nog een straf kunnen uitspreken en vragen dat ze wordt uitgevoerd. En dan zal ook niemand zich nog storen aan de wet, alle strafwetten zijn buitenspel gezet. In sommige wijken van Brussel (onder andere!) kunnen ze ervan meespreken. Waar straffeloosheid heerst, wordt het samenleven onveilig en op termijn onmogelijk.

Dat kan natuurlijk niet de bedoeling zijn. Wetten zijn er om nageleefd te worden en overtredingen verdienen straf, tenzij ze door een hogere wet wordt uitgewist. Maar wetten hebben niet het laatste woord.
We moeten letten op het slot van het verhaal. Jezus zei tegen de vrouw niet dat de wet geen belang had en dat ze niet schuldig was. Maar hij veroordeelde haar niet. Hij zei alleen: ga naar huis en zondig van nu af niet meer. Hij vertrouwde erop dat ze de nodige kracht daarvoor zou putten uit de vergiffenis die ze van God had gekregen.

Wie zonder zonde is... Niemand van ons is zonder zonde. Het moet ons motiveren om de stenen die we voortdurend in handen houden om op elkaar te mikken en te gooien, in het zand laten vallen. Het kan ons helpen om af te druipen uit ons grote gelijk en onze betweterigheid. Om af te zien van ons aanmatigend oordeel over wat er in alles en iedereen scheefloopt. Als we ootmoedig de hand in eigen boezem steken, komen we met onze zonde en ons kwaad, onze kleinheid en ons onvermogen oog in oog te staan met de God van heiligheid en erbarmen.

De laatste week van de vastentijd geeft ons nog de tijd om ons te bekeren. In het licht van het evangelie zien we twee klemtonen die we moeten leggen. Bekering wil zeggen zich een juist oordeel leren vormen over goed en kwaad; radicaal kiezen voor het goede en consequent het kwade afwijzen. Bekering houdt, ten tweede in, dat we niet oordelen over het hart van medemensen, ook niet over het hart van de schuldige, door wetten van mensen veroordeelde mensen. En zeker niet over het hart en de levenskansen van de door woorden, vermoedens, veronderstellingen en verdachtmakingen bezwaarde en uitgestoten mensen. Meer dan wie ook zijn ze toevertrouwd aan onze barmhartigheid.

Geïnspireerd door Paul Schollaert, Zondagse woorden, Lannoo, Tielt 2008,p. 509-512

J. Andersen

 
  Prekenlijst