Preek van de week Elke week een nieuwe preek
     
  4 maart - paasmorgen afdrukken  Word-document
 

Prekenlijst

Startpagina

Archieven

Register

Prekenportaal

Zondagsvieringen

Dominicanen

 

Lezingen:

Handelingen 10,34-43
Johannes 20,1-18

Wenst u de preken thuis in uw elektronische postbus te ontvangen?
U kunt intekenen op onze
verzendlijst
.

Tekst van viering

U kunt reageren
op deze preek:

Commentaar

 


Hij leeft!

Waar waren de heren apostelen? Op één na waren ze allen gevlucht. Ze hadden hun geliefde Meester in de steek gelaten toen hij werd aangehouden, ter dood veroordeeld en met het kruis op zijn schouder naar Golgota optrok. Alleen de leerling van wie Jezus veel hield was bij hem gebleven, samen met de moeder van Jezus en nog enkele andere vrouwen, onder wie Maria van Magdala. Uit angst en in paniek waren allen weggelopen en hielden zich ergens verborgen. Was er Jozef van Arimatea niet geweest om zich over het dode lichaam van Jezus te ontfermen, dan was hij aan het kruis blijven hangen en in een massagraf begraven zoals zovele andere tot de kruisdood veroordeelden.

Het moet gezegd worden: de vrouwen hebben zich moediger getoond. Allereerst zijn moeder Maria, die in dit uur van lijden en dood aan zijn zijde is gebleven en alles heeft meegemaakt. Andere vrouwen die met Jezus uit Galilea naar Jeruzalem waren meegekomen, hebben hun medeleven betoond met het lijden van Jezus.

Wat is er precies gebeurd bij het lege graf van Jezus? Iedere evangelist vertelt zijn eigen verhaal. Bij alle vier gaan er vrouwen naar het graf om Jezus' lichaam te balsemen. Drie van hen vertellen over een engel (twee volgens Lucas en Johannes) die (behalve bij Johannes) aan de vrouwen zegt dat Jezus uit de dood is opgestaan en die hen opdraagt het aan de leerlingen te gaan meedelen. Marcus schrijft dat de vrouwen geschrokken wegvluchtten en in alle talen zwegen over wat ze gezien en gehoord hadden. Volgens Lucas gingen ze het aan de apostelen vertellen, maar die geloofden hen niet.

Het verhaal van het Johannesevangelie wijkt sterk af van de andere. Het brengt één vrouw op de voorgrond, Maria van Magdala. Zij is de enige die zich nog vóór zonsopgang naar het graf begeeft. Ze gaat er troost zoeken. Als ze ziet dat de grafsteen is weggerold en het graf leeg is, rent ze in paniek naar de apostelen. Twee van hen lopen naar het graf en zien wat Maria van Magdala zag. Ze begrijpen het niet en gaan weg. Maria van Magdala blijft. Ze weent. Ze houdt het niet voor waar dat Jezus er niet meer is. Ze zoekt hem. Liefde capituleert niet. Vlucht niet weg. Maria van Magdala blijft. Ze zal de eerste zijn die Jezus ziet. Niet een gestorven Jezus, maar de levende Heer.

Paasmorgen is de belangrijkste dag in de mensengeschiedenis. Want Jezus is uit de dood opgestaan. Sinds paasmorgen is de wet van de dood gebroken. Sterven is niet langer het eindstation. De dood heeft niet langer het laatste woord. De mooiste morgen aller tijden gaat niet gepaard met trompetgeschal. De media zijn er niet bij. Ook geen mensenzee. Enkel een vrouw staat daar die weent. Het eerste woord van de overwinnaar van de dood is gewoon een vraag van medeleven: Waarom ween je? Na zijn verrijzenis is zijn eerste zorg: troosten. Ooit komt de dag dat God al onze tranen zal drogen. Deze dag is reeds op paasmorgen begonnen. 'Maria', zei Jezus. En ze herkende hem. Hij is het. Hij leeft!

Sinds die paasmorgen heeft Jezus duizenden mensen bij hun naam geroepen, ook de heren apostelen, die hij zijn broeders noemde. Ook ons roept hij bij naam, u en mij. Ook onze tranen wil Hij drogen. Duizenden mensen heeft Hij de zending gegeven dit goede nieuws te brengen. Vandaag kom ik tot u met deze vreugdevolle boodschap: Jezus is verrezen. Hij leeft!

Zalig Paasfeest!

P. Stef

Met dank aan Mgr Christoph Schönborn, Pensées sur l'Évangile de Marc. Parijs 2006

 
  Prekenlijst